Eerste Kamer Fluit Hogervorst Terug

Auteur: C.P. Pescott

In de avond van 26 september is in de Eerste Kamer vergaderd over een drietal wetsvoorstellen met betrekking tot de specialistenregisters, de herregistratie en de artsentitel. De wetsvoorstellen 30.207 (Specialistenregisters) en 30.443 (Herformulering eisen met betrekking tot hernieuwde erkenning als medisch specialist) zijn na enkele vragen van kamerleden zonder stemming aangenomen. Wetsvoorstel 30.463 lag aanmerkelijk gevoeliger, zo bleek met name tijdens de eerste termijn van Mw. T.M. Slagter – Roukema (SP), die refereerde aan haar eigen (huis)artsentitel, en stelde dat het ontnemen van deze titel een ontkenning zou zijn van en groot deel van haar leven, en de invulling die zij daaraan had gegeven. Het betoog van Mw. H.M. Dupuis (VVD) richtte zich met name op de functies die artsen vervullen, het feit dat de minister met zijn voorstel geen recht deed aan de enorme ‘body of knowledge’ die door vele jaren studie vergaard is, en de wetenschap dat artsen die ervoor kiezen een andere functie te kiezen, zij het als docent, beleidsmedewerker van de minister, of zelfs minister en op die wijze op grond van verminderde bekwaamheid hun bevoegdheid verliezen, er ook niet voor zullen kiezen om nog patiënten te behandelen. Een uitermate interessant en sterk betoog. In het debat voerde de minister de mogelijkheid aan dan toch maar de n.p. registratie mogelijk te maken, maar dan wel voluit, dus: arts niet praktiserend. Dit om alle verwarring die bij patiënten zou kunnen bestaan en ontstaan over de aldanniet bekwaamheid van de arts weg te nemen. De minister leek zich te kunnen vinden in het geschetste onderscheid tussen een bevoegdheid, die op grond van scholing en werkervaring bestaat, en dus een expiratiedatum kent, en de titel, die niet eindig zou moeten zijn. De mogelijkheid werd opengehouden dat voor diegenen die ooit in het BIG-register stonden ingeschreven, en de registratie niet op een door Art. 7 bepaalde maatregel verloren, het voeren van de (uiteraard nader te bepalen en volledige ‘niet praktiserend’-classificatie) niet strafrechtelijk te vervolgen. Hierover zou met het OM (openbaar ministerie) een afspraak kunnen worden gemaakt. De minister legt uit dat hij hierover met de minister van Justitie zal overleggen, en een brief naar de Kamer stuurt. Tot die tijd wordt er in elk geval niet gestemd over de wetswijziging, die, zo bleek tijdens mijn aanwezigheid, stuitte op ernstige kritiek vanuit alle fracties. De vraag rijst of een dergelijke afspraak tussen erkenning in het BIG-register en de keuze niet tot vervolging over te gaan juridisch stand houdt. Voorts is dit een niet erg schone manier van handelen, die immers een beroep blijft doen op de invulling ervan door de contemporaire minister van Justitie. Het lijkt erop dat dit een erg mager compromis is van Hoogervorst. We zullen zien. De eerste stap is in elk geval gezet, de stemming is tot nader order van de baan. Ik spreek hiervoor mijn dank uit aan de leden van de Eerste Kamer die op zorgvuldige wijze het debat zijn aangegaam, nadat de Tweede Kamer de mogelijkheid kritisch naar dit voorstel te kijken had laten liggen.

(Tekst overgenomen van Beschermdetitel.nl )
Heeft u nog even een 2 tal minuten teken dan de petitie op www.berschermdetitel.nl. Studenten Geneeskunde (en andere belangstellenden)  kunnen ook tekenen, teken dan als niet geregistreerd.

Michiel

Nieuwsgierig naar de auteur van dit artikel? Klik hier voor mijn CV. Of blijf met je muis even hangen op het plaatje hier naast..

Geef een reactie