Tot 2020 jaarlijks minimaal 43 AIOS-SEH!

Tot ongeveer 2020 zullen er jaarlijks minimaal 43 aios spoedeisende hulp moeten bijkomen. De eerste twee of drie jaar moeten dat er maximaal 59 zijn.

Dat adviseert het Capaciteitsorgaan in het Capaciteitsplan 2008 voor de medische vervolgopleidingen spoedeisende geneeskunde. Het advies om aanvankelijk meer dan 43 aios op te leiden is bedoeld om de gewenste ‘kwalitatieve inhaalslag’ te kunnen maken en de nog prille opleidingscapaciteit op peil te houden. Ook kunnen SEH-artsen dan extra tijd besteden aan zaken als vakontwikkeling, opleiding, onderzoek en management. 
Bijna 65 procent van de Nederlandse ziekenhuizen heeft geen gecertificeerde SEH-arts, blijkt uit een inventarisatie van het Capaciteitsorgaan. De opstellers van het Capaciteitsplan 2008 vragen zich af of dit samenhangt met een tekort aan SEH-artsen en of andere factoren wellicht ook een rol spelen. Daarbij valt ‘bijvoorbeeld te denken aan de momenteel doorgaans toch goedkopere en wellicht flexibelere inzet van poortartsen en arts-assistenten op de SEH’, filosoferen de opstellers van het rapport. 
Een toenemende vraag aan SEH-artsen is waarschijnlijk omdat de Kwaliteitswet Zorginstellingen impliceert dat de personeelsformatie op de SEH kwalitatief en kwantitatief toereikend moet zijn om permanent verantwoorde zorg te kunnen leveren. Daarnaast stijgt het aantal bezoekers van de SEH. Het Capaciteitsorgaan trekt de ‘voorzichtige’ conclusie dat de zorgcomplexiteit op de SEH de laatste jaren in relatieve zin weinig aan veranderingen onderhevig is geweest. Het aandeel patiënten dat bij een bezoek aan de SEH wordt opgenomen, blijft in de loop der jaren immers vrijwel gelijk. 
Het is moeilijk een raming te maken over de onvervulde vraag omdat de SEH-arts in Nederland nog niet lang bestaat. Ook ligt er weinig vast over de normering van deze artsen. De Inspectie voor de Gezondheidszorg stelde in 2004 dat alle ziekenhuizen met een SEH-afdeling ‘op korte termijn’ moeten voldoen aan de norm dat op alle uren van de week een arts beschikbaar moet zijn met ‘voldoende deskundigheid’ en tenminste twee jaar ziekenhuiservaring. 
Verder is onvoldoende duidelijk welke carrièrekeuzen SEH-artsen in de toekomst zullen maken. Zij zijn jonge dokters van wie onbekend is of zij dit werk tot hun pensioen blijven doen en of zij voltijds dan wel in deeltijd gaan werken.
Toch heeft het Capaciteitsorgaan een poging gewaagd om een inschatting te maken over de toekomstige beschikbaarheid van SEH-artsen. Het maakte verschillende scenario’s op basis van 12- of 24-uursbezetting van een arts op de SEH. De bezetting is afhankelijk van onder meer de grootte van een ziekenhuis – in grote ziekenhuizen zijn immers 24 uur per dag voldoende opgeleide artsen aanwezig die ook kunnen worden ingezet op de SEH. De scenario’s voorzien in een uitbreiding van de huidige capaciteit met minimaal 350 tot maximaal 650 SEH-artsen voor de komende tien tot vijftien jaar. 
Nederland telt 125 aios SEH, van wie 70 procent vrouw is. Er zijn 74 SEH-artsen die in 35 verschillende ziekenhuizen werken, zowel academische als algemene. In de helft van de betreffende ziekenhuizen werkt één SEH-arts en in de andere helft werken er twee en heel soms meer.

Bron: capaciteitsorgaan (pfd van het volledige rapport)

Geef een reactie