Veranderen is moeilijk. Veranderen is niet leuk. Veranderen kost altijd iets. Het is heel herkenbaar. Ook ik vind het lastig om een fijn patroon los te laten als ik het net gevonden heb. Ook ik vraag mij af wat het mij kost als ik moet veranderen. Maar voor sommige mensen is het wel heel lastig. Sommige mensen is het wel heel erg lastig.

Ik zit wel eens bij besprekingen over een nieuw zorgpad of een verandering waarbij we de zorg niet alleen sneller maar ook beter organiseren rondom de patient. Dit gebeurt dan heel vaak…

Het plan is bijna klaar, iedereen heeft er tijd en energie ingestoken en iedereen wil graag beginnen. En dan komt die ene zin die altijd begint met ”Ik had recent een patient en die..”. En dan weet je het al, einde project.  Als je dan nog de moed hebt om te luisteren hoor je “..en vervolgens gebeurde er {…} en dat kon ik niet meer goed krijgen. Dus we moeten dit niet doen want {…} de patiëntenzorg {…} verantwoordelijkheden {…} kwaliteit van zorg {} etc., etc., etc.“. Het ligt natuurlijk altijd aan het systeem of het zorgpad en nooit aan de zorgverlener die gewoon even naar de uitslagen had moeten kijken van het onderzoek wat hij zelf had aangevraagd.

Ik begrijp dat het lastig is om te veranderen. Maar we laten veranderingen die voor 99% van onze patienten goed zijn toch niet tegenhouden door een foutkans van 1%, waarbij we zelf notabene ook nog eens de fout maken omdat we niet opletten? Daar waar in de rest van de wereld het magische woord om innovatie te doden “privacy” is hebben we er in de zorg een zin voor nodig “ik had een patient die…”.

Dit is maar één voorbeeld, maar zo zijn er meer. Het is als of er een krampachtig verzet is tegen de vernieuwing. Als of we ons bedreigd voelen en terug geduwd worden door een kracht waar we geen invloed op lijken te hebben.

Het doet mij denken aan Astrix en Obelix. Al lopend door het Bretonse bos lopen zien ze everzwijnen vluchten, nederzettingen ontstaan, wegen aangelegd worden, soldaten rond lopen en overal zie je dat hun oude manier van leven voorbij. Maar Astrix en Obelix houden vast aan het verleden en blijven weerstand bieden.

“Zo’n 2000 jaar geleden was heel Gallië (zo heette Frankrijk toen) bezet door soldaten van Ceasar, de Romeinse veldheer. Heel Gallië? Nee, een kleine nederzetting bleef moedig weerstand bieden aan de overweldigers en maakte het leven van de Romeinen in de omringende legerplaatsen bepaald niet gemakkelijk…”

Ik vraag mij wel eens af of dit ook de manier is waarop we over honderden jaren naar de zorg van nu kijken. Zijn er dan ook verhalen over een moedig klein volkje, gekleed in witte jassen en getooid met stethoscopen en reflexhamers die weerstand bleven bieden?

Overal in de zorg zijn innovatieve bedrijven hun kampementen aan het opzetten. Er ontstaan enorme netwerken waarin patienten in de lead zijn. De zelfde patienten vertrekken uit de ziekenhuizen naar kleinere gespecialiseerde klinieken die in dat netwerk actief zijn. De concurentie komt niet meer uit de zorg zelf. Onze concurenten zijn de Aholds, de Phillipsen en de Googles. Zij hebben de kampementen rond het ziekenhuis.

“Rond 2020 was de Zorg (zo heette Gezond Gedrag toen) bezet door soldaten van Innovatius. Heel de Zorg? Nee, een kleine nederzetting bleef moedig weerstand bieden aan de overweldigers en maakte het leven van Innovatius bepaald niet gemakkelijk

Het is prima om weerstand te bieden maar bedenk wel dat die Romeinen een paar hele goede ideeen hadden.. zoals een waternetwerk, een wegennetwerk, een militair netwerk, klant tevredenheidsacties als brood en spelen en niet te vergeten… de eerste medische encyclopedie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.